Dag 17: Yosemite NP

Print Friendly, PDF & Email

Maandag 15 juni: Curry Village (CA) – Merced (CA)


Glacier Point & Mariposa Grove (en … pech!)

Ik was even vergeten dat je van bier drinken vaker naar het toilet moet. Die halve liter van gisteravond hakt er dus behoorlijk in. Tot wel drie keer toe er ’s nachts uit geweest om naar het toiletgebouw te hobbelen. Totdat ik bij de derde keer ineens weer drang had om te gaan, besefte ik dat het wel eens blaasontsteking zou kunnen zijn. Nee he, daar zit ik totaal niet op te wachten. We slapen in The Middle of Nowhere, hoe in godsnaam kom ik aan een huisarts wat mij antibiotica voorschrijft? Vervolgens krijg ik ook nog last van mijn keel. Lig ik niet gewoon op de tocht? Is dat het?

Al met al een niet zo’n beste nacht dus. Pas de laatste twee uur van de nacht val ik in slaap. Ja potver, val ik eindelijk in slaap, gaat die wekker alweer af. Meteen maar weer even een plasje voordat ik alles in ga ruimen en ik merk dat de drang nu toch wel afneemt. Gelukkig, geen blaasontsteking dus. Maar nog wel last van de keel. Bah.

Dan pakken we alle spullen voor zo ver in. De planning is om alles gewoon zo in de auto te leggen en pas bij ons volgende hotel alles uit de auto te halen en de koffer weer opnieuw in te delen. Het is nu zo’n zooitje. Nadat we alles ingepakt hebben, laten we het even staan in de tent. Pakken we die na het ontbijt wel in de auto. We lopen richting het Pavilion en bestellen eigenlijk allemaal hetzelfde als de ochtend ervoor. Met één klein verschil van detail: mijn vader bestelt nu ook twee bagels in plaats van één. Hij wist niet dat bagels zo lekker waren!

Na het ontbijt lopen mijn ouders terug naar de tent, terwijl Martijn en ik de auto ophalen om zo dicht bij de tent te parkeren. Scheelt een boel sjouwwerk. Als alle spullen weer in de auto zit, rijden we naar de receptie en leveren de sleutel weer in. Twee nachten in de tent was meer dan voldoende. Of eigenlijk al te veel. Nee, kamperen is echt niets voor ons. Of in ieder geval niets voor mij, laat ik voor mezelf spreken. Ach, ik heb het in ieder geval geprobeerd of het iets was.

Dan rijden we de vallei uit. Onze eerste stop wordt bij Tunnelview. Een stop nét voordat je een tunnel in rijdt, maar zoals de naam doet vermoeden, gaat het daar dus niet om. Vanaf deze plek heb je een prachtig uitzicht op de vallei en de Bridalveil Fall. Eén van de meest gefotografeerde punten in dit park. En het is inderdaad erg prachtig.

DSC_1080

DSC_1100

We rijden weer verder en klimmen weer wat kilometers omhoog met de auto. Prachtig rijden is het. Af en toe een snelle fotostop en komen dan, na ongeveer een uur rijden, aan bij Glacier Point. We parkeren de auto lopen als eerste naar Amphitheater. Vanaf hier heb je een mooi uitzicht op de Vernal waterval en de Nevada waterval. Voor het uitzicht van Glacier Point moeten een stukje lopen. Het uitzicht is echt adembenemend mooi! Wat een hoogte. Vanaf hier heb je weer een mooi uitzicht op de vallei en de Yosemite waterval. Je kunt zelfs de tenten van Curry Village zien! Ergens daar hebben we dus twee nachten geslapen. Echt een prach-tig uitzicht!

DSC_1116

Na Glacier Point lopen we de souvenirwinkel binnen. We zijn wel toe aan een ijsje! En dat is voor mijn keel eigenlijk best zalig. Dan lopen we weer terug naar de auto en rijden we naar Mariposa Grove. Vele slingerwegen volgen. De ene bocht is nog scherper dan de andere. Wederom prachtig rijden zo. Rond kwart over twee zijn we bij Mariposa Grove. Het is een beetje zoeken waar we precies heen moeten. In dit bos zijn verschillende Sequioa bomen te vinden, dat zijn gigantische bomen. Enorm breed en ze zijn ook enorm oud. Veel van deze bomen hebben een naam, maar de belangrijkste is toch wel de Grizzly Giant. Het is een goed 1,3 km lopen. Wel steeds een stukje omhoog. Onderweg komen we de Fallen Monarch en de Bachelor & Three Graces nog tegen en dan zijn we éindelijk bij Grizzly Giant. Wat een prachtige boom! Zo enorm breed in omvang.

DSC_1150

DSC_1164

DSC_1169

Langzaam hobbelen we weer terug. Gelukkig is het nu naar beneden, dus dat gaat een stuk gemakkelijker. In de auto bekijken we in ons bonnenboekje naar welk hotel we gaan rijden. Voor vanavond hebben we namelijk nog geen hotel. De planning was: op de bonnefooi. Want hoeveel tijd hebben we en tot hoe ver hebben we zin om te rijden? Een hotel in Modesto zou te doen moeten zijn. We bekijken het aanbod en zien een Super 8 en een Quality Inn voor een mooie prijs. We stellen de tom tom in op Quality Inn. Deze komt als eerste voorbij, dus kunnen we kijken wat het is. Mocht het niets zijn, kunnen we altijd nog besluiten om door te rijden. Volgens de tom tom is het zo’n 2,5 uur rijden. Moet te doen zijn. Wellicht houden we dan zelfs nog tijd over vanavond om weer eens een wasje te doen.

Als we nog maar een goed drie kwartier van Modesto verwijderd zijn, hoor ik Martijn zeggen: “ehm, hij zit te zeuren dat de bandenspanning van het linkerachter wiel niet meer goed is… Oh, hij loopt steeds verder terug”. Ohnee, het zal toch niet?! Jawel hoor, hij loopt steeds verder en verder terug. Dan zien we naast ons een stelletje in de auto allemaal gebaren maken. Ja, we weten het… Een lekke band! Mijn moeder zegt nog: “Ja, ik dacht net wel iets gehoord te hebben, iets van bam. Maar ik dacht: we rijden gewoon ergens over heen. Denk, zeg maar niets, want het zal niets zijn”. Martijn en ik hebben de ‘knal’ in ieder geval niet gehoord. We parkeren de auto op de vluchtstrook. Ja, wat nu? De volgende afslag is een goed mijl van ons verwijderd. Laten we daar maar rustig naar toe rijden dan. Want zo langs de snelweg een band verwisselen is levensgevaarlijk.

Bij de afslag slaan we rechts af en we zien al snel een inham waar we de auto kunnen parkeren. We stappen uit en staan dan oog-in-oog met onze prachtige lekke band. Zo plat als een dubbeltje! Goed, geen paniek. We hebben vaker met dit varkentje gewassen. Drie jaar geleden ook al eens een band verwisseld in Amerika. Toen deden we er een goed drie kwartier op. Nu hebben we meer ervaring. Moet te doen zijn! Het is inmiddels 18.00 uur, dus als het snel gebeurd is, hebben we alsnog genoeg tijd voor een wasje en heerlijk uitgebreid te gaan eten. Martijn pakt het boekje erbij en begint te lezen. Het is net als een Ikea-bouwpakket. Gewoon plaatje voor plaatje doen wat er gevraagd wordt.

IMG_1826

IMG_1828

Maar het gaat helaas niet zo soepeltjes zoals gedacht. Het begint al met ‘waar zijn de spullen voor het verwisselen?’. Dat zou in een vak links achter moeten zitten. Maar goed, waar dan? Als we die eenmaal gevonden hebben, krijgen we de spullen er niet uit. Grrr… Niet opgeven, gewoon rustig doen wat er staat. Pas na een poging of vijftien lukt het. Dan op naar het volgende: de reserveband onder de auto vandaan halen. Maar we komen er maar niet hoe we dat moeten doen. Er staat dat we iets in de bumper zelf moeten doen. Maar daar zien we niets zitten… Hm… Het zou achter dat plaatje kunnen zitten, maar hoe krijg je die eruit? Dan maar eruit snijden ofzo? Met het zakmes van Martijn halen we het ‘luikje’ eruit. Goed, weer een stap verder. Maar dan? Met een moersleutel proberen we hem eruit te draaien. Maar het lukt gewoon niet. Dan zegt mijn moeder: “de auto welke net voorbij reed, draait nu om. Wellicht voor ons?” En ja, de man vraagt ons of we hulp kunnen gebruiken. Nou ehm, graag eigenlijk. Hijzelf is mechanicien dus is wel gewend om lekker vies te worden. Samen komen we eruit. Al doet hij het meeste werk 🙂 Wat een ontzettend aardige man! Als hij vraagt waar we vandaag komen, vertelt hij – uiteraard – dat hij ook wel iets met Nederland heeft. Want zijn over-over-overgroot ouders komen uit Nederland en Duitsland. Dus heeft hij ook wat Nederlands bloed in zich.

IMG_1831

Vervolgens zit de krik eronder, maar doordat we geen bandentegenhouders voor de banden hebben zet, schiet hij ineens wat naar voren. De man vertelde namelijk dat deze eigenlijk nooit nodig zijn. Maarja… Hadden we dat tóch maar gedaan. Grr. Met zijn vieren duwen we de auto weer naar achteren. Wat is dat zwaar zeg! Gelukkig, het lukt.. Maar AAAUW! Mijn rug! Blijkbaar schiet er net wat verkeerd. Oeh, voelt niet goed. Ik hou me voorlopig maar even rustig.

Verder verloopt het verwisselen prima. Iets over 19.00 uur zijn we dan ook weer helemaal gereed. Niet slecht, uiteindelijk toch maar een goed uur erover gedaan. We bedanken de man hartelijk en hij rijdt weer weg. We laden onze koffers weer in en als we dan in willen stappen, zien we ineens dat de zijraam van de bestuurderskant helemaal gebroken is. Uh? Waar komt dát nou weer vandaan??? Op de foto’s welke ik ondertussen gemaakt heb, is duidelijk te zien dat tijdens het verwisselen nog niets aan de hand is. Wellicht dat er teveel spanning op de raam zat en bij het inladen van de spullen is hij geknapt ofzo? Of misschien een steentje er net tegenaan gekomen en door de spanning knapte de raam? Tuurlijk, kan er ook nog wel bij. Waren we helemaal gereed voor vertrek, kunnen we nóg niet weg.

IMG_1837

We hangen ons zwarte laken (wat normaal over onze koffers ligt achter in de kofferbak) over het raam en tikken zo voorzichtig het glas eruit. Als alles eruit is, willen we voorzichtig wegrijden, zodat we niet over het glas rijden. Bedoel, heb je net een reserveband eronder zitten, zou deze ook alweer stuk gaan omdat je over glas rijdt.

Maar potver, wat nu weer? De deur van de bestuurderskant gaat niet meer dicht! Met een open deur rijden is natuurlijk geen optie. Hoeveel pech kun je hebben? Iets met Wet en Murphy? Uiteindelijk gaat hij dicht doordat we hem dichtduwen en dan meteen op ‘slot’ zetten. Goed, wat is het plan nu? We rijden naar de dichtstbijzijnde benzinepomp om vanaf daar met Alamo te bellen. Bedoel, we hebben nu een ‘thuiskomertje’ eronder zitten en het raam is stuk. Hier kunnen we natuurlijk niet de komende twee weken mee verder rijden.

Bij de benzinepomp mag Martijn de telefoon van een klant lenen. Gelukkig belt hij een gratis nummer, maar het duurt wel erg lang voordat hij eindelijk iemand aan de lijn heeft. Eigenlijk is ons plan om nu maar rechtstreeks naar San Francisco te gaan en daar op het vliegveld de auto om te ruilen. Maar met een thuiskomertje blijkt dat je maar maximaal 50 mijl mag rijden. Het dichtstbijzijnde plaats waar ze ook een autoverhuurbedrijf hebben, is Merced. Ik hoopte eigenlijk dat we dan door konden rijden naar Modesto, want dat is een veel grote plaats. Wellicht heb je daar meer keuze uit de auto’s. Maar volgens de mevrouw van Alamo zit er geen vestiging van hun. Beetje raar eigenlijk. De vrouw van Alamo adviseert ons om naar Merced te rijden, dat is gewoon het dichtstbijzijnde. Punt. En dan vervolgens daar in de ochtend naar het vliegveld toe te gaan, want nu zijn ze niet meer open, om de auto om te ruilen. Al hebben ze daar ook geen vestiging van Alamo, maar eentje van Enterprise. Maar mevrouw, hoe te doen met de raam dan? Bedoel, als we die vannacht zo bij het hotel laten staan, kan er jan-en-alleman in. Ja, geen idee… Haal al je spullen maar eruit en zie maar. Pfff… wát een gedoe allemaal!

In ons bonnenboekje zien we een Travelodge in Merced. Wel erg toevallig overigens dat we al onze hotels van te voren geboekt hebben, behalve die van vanavond! Juist nu kunnen we deze flexibiliteit wel gebruiken. We rijden in een goed 10 minuten naar Merced, naar Travelodge. Ze blijken nog kamers over te hebben, al hebben ze nog maar één king en verder een queenbed kamer over. Ach prima. Doe die één queen en één king maar dan. Al blijkt de normale prijs hetzelfde te zijn als het bonnetje. Handig… Op zich goedkoop natuurlijk, maar dan heb je niet echt het gevoel ´woohoo, we hebben een goede deal te pakken´. Ach, niet over nadenken. Nu geen zin meer in gedoe. We willen klaar zijn met vandaag!

De kamers zien er op het eerste gezicht goed uit, maar bij nadere inspectie blijkt dat onze kamer nogal wat krakkemikkig is. Telefoon die het niet doet, de douche valt half uit elkaar en er zitten gaten in het beddensprei. Ach ja. Laat maar, het is maar voor één nacht. Snel halen we alle spullen uit de auto. En dan bedoel ik ook echt álle spullen. Tot het laatste papiertje eruit is. Helemaal uitgeblust ploffen we om negen uur neer op bed. Wát een dag!

We hebben nog helemaal geen avondeten gehad en échte honger hebben we ook niet. Maar trek heb ik wel. We besluiten om naar de Wendy´s te gaan. Een hamburger gaat er wel in. Mijn ouders zijn niet van dit soort fastfood hamburgers, dus zijn houden het bij een frietje met kipnuggets. We nemen onze bestelling mee naar onze kamer en peuzelen daar alles op. Even tot rust komen hoor. Na ons ´diner´ spring ik nog even snel onder de douche en daarna helemaal uitgeput op bed. Het verslag werk ik morgen wel bij. Heb echt geen puf meer.

Nog helemaal duizelig van de middag, vallen we uiteindelijk toch in slaap.

Weertype: warm, soms té warm
Aantal gereden mijl: 185 (296 kilometer)

Geef een reactie