Dag 16: Route 66 Roadside Attractions (part 2)

Print Friendly, PDF & Email

Vrijdag 10 juni: Amarillo (TX) – Oklahoma City (OK)


We worden maar moeilijk wakker vandaag. Nee nee, geen kater. Of wellicht heeft het er wel mee te maken. Geen idee. Maar we hebben wederom heerlijk geslapen. Echt, als een roosje. Al is Martijn een keer wakker geweest en had hij het benauwd. Maar gelukkig sprong de airco op dat moment aan en is hij weer heerlijk in de koelte verder kunnen slapen.

Bij dit hotel hebben wij geen ontbijt bij, dus pakken de spullen in en gaan dan op weg naar Youngblood Café. Dat zag er wel leuk uit op internet. Veel ei-gerechten. Maar als we voor het tentje staan, weten we even niet of we wel naar binnen willen. Het ziet er behoorlijk shabby uit.

Ook de buurt voelt niet fijn. Je moet ‘een boek’ nooit beoordelen aan zijn cover, maar om nu de auto hier geparkeerd te laten staan met al onze koffers, lijkt ons geen goed idee. We besluiten dan ook maar om richting de Mac Donalds te rijden voor ons ontbijtje.

Maar als we bij de Mac Donalds zijn, staat er te lezen dat de vestiging momenteel gesloten is voor verbouwing. Ja hee… We hebben honger! Naast de Mac Donalds zit de Walmart. Dan daar maar een ontbijtje halen? We parkeren de auto en met een karretje lopen we de Walmart binnen. Maar wat maakt dat karretje toch een raar geluid? Het wieltje links voor blijkt vast te zitten en maakt een piepend geluid. Ach, zo hoort iedereen dat we eraan komen. Scheelt weer een paar keer ‘excuse me’ zeggen. We kopen een croissantje, wat Strawberry Cheese Bowtie Danish en een chocomel.

Op de parkeerplaats laten we het smaken. Al is het croissantje wat aan de droge kant.

Iets verderop tanken we de auto weer vol en rijden we naar Texas Travel Information Center bij afslag 76. Ik neem wat folders voor onszelf mee en ook voor mijn klanten welke over een paar weken in deze omgeving zijn.

Daarna gaat de navigatie op onze eerste stop van vandaag langs de route 66: de VW Slug Bug Ranch. Het is ongeveer 20 minuten rijden en nemen dan afslag 96. Vrijwel meteen zien we de VW Slug Bug Ranch, waar vijf Volkswagen Kevers met de neus naar beneden in de grond zijn gepland. Eigenlijk als tegenhanger van de bekende Cadillac Ranch waar we gisteren waren. Het valt meteen op dat het hier een stuk minder commercieel is, ofwel: wat een rust! We zijn de enige die foto’s maken. Ofnee, na een paar minuten zien we nog een stelletje. Leuke stop dit.

      

We rijden weer verder en bij afslag 112 rijden we naar Cross of Our Lord Jesus Christ Ministries. Hier staat een 58 meter hoge vrijstaande kruismonument. Het kruis was ook al vanaf 20 mijl afstand te zien en is sinds 1995 een vertrouwd herkenningspunt langs de I-40. De constructie van het kruisframe werd uitgevoerd in twee werkplaatsen in Pampa Texas, door meer dan 100 lassers. De bouw nam acht maanden in beslag; elk onderdeel moest in elkaar passen toen het frame werd vervoerd en geassembleerd op de bouwplaats zo’n 40 mijl verderop.

Het kruis is écht hoog. Er omheen zijn verschillende passages van het kruisverhaal. Ofwel, het verhaal van de passion wordt uitgebeeld. Ondanks dat wij beide niet gelovig zijn, vinden we het een prachtige stop. We lopen wat rond en bezoeken ook nog het winkeltje wat iets verderop te vinden is.

 

  

  

 

   

Na een stop van 25 minuten rijden we weer verder. Iets verderop, bij afslag 114, stoppen we bij de Leaning Tower of Texas. Deze watertoren staat vlak naast de vroegere Route 66.

In het begin en het midden van de 20e eeuw waren voorbijgangers op de hoofdweg geïntrigeerd door de sterke kanteling van de toren en vroegen zich af wat dit in hemelsnaam kon hebben veroorzaakt. Een neerstortend vliegtuig? Een aardbeving? Een gigantische tornado?

In werkelijkheid was het ’t werk van een zwaar voertuig en een bulldozer. Ralph Britten, een man die een truckstop en een restaurant wilde beginnen aan de Route 66 in Groom, kocht de watertoren van het stadje Lefors als een ingenieuze marketingtechniek om nieuwe bezoekers te trekken. Hij sleepte het enorme ding 34 mijl naar Groom, schreef ‘Britten USA’ op de top en bracht vervolgens met behulp van een bulldozer twee van de poten omhoog en liet ze zonder steun in de lucht bungelen, zodat de watertoren een hoek van 80 graden met de grond maakte. Dit kwam zijn zaak  enorm ten goede. Jarenlang trok het de aandacht van elke passerende automobilist op de route en velen van hen werden bang dat de toren op instorten stond. Dit speelde Britten in de kaart. Ongeruste weggebruikers weekten vaak uit naar zijn truckstop, roepend: “Kijk uit! Die toren staat op instorten!” Britten antwoordden dat het al jaren zo was en vroeg hen dan te gaan zitten en dan eten en drinken te kopen.

Britten’s manipulatie van de toren vereiste echter wel voldoende kennis van de natuurkunde. Als de watertoren helemaal leeg of helemaal vol zou zijn, zou het massamiddelpunt precies in het midden van de watertoren liggen, waardoor hij zou omvallen al hij te schuin stond. Britten vulde hem dus slechts gedeeltelijk, zodat het lage waterniveau het massamiddelpunt van de toren bij de basis zou plaatsvinden, direct boven de twee steunpoten, waardoor hij overeind zou blijven. Na vele jaren van succes brandde Britten’s truckstop helaas af in een verwoestende brand, waardoor alle verkopen werden stopgezet. Ondanks deze onfortuinlijke gebeurtenis is de scheve watertoren nog steeds één van de meest gefotografeerde bezienswaardigheden langs de route 66.

We maken een snelle stop en vervolgen dan onze weg. Dan zien we ineens een vliegtuigje in de lucht. Gaat hij nou landen? Hij vliegt wel erg laag en dan zien we hem ineens niet meer. Hm. Maar nog geen minuut later zien we hem alweer in de lucht en gaat wederom laag vliegen. Dan zien we dat het een sproeivliegtuigje is. Hij vliegt onze kant op en dan ineens vliegt hij enorm laag voor ons. Echt, op nog geen 50 meter afstand. Wauw, echt mega gaaf. Helaas door onze verwondering en snelheid hebben we hier geen foto’s van kunnen maken.

De navigatie gaat op onze volgende stop: het Devil’s Rope Museum. Het is een goed 30 minuten rijden en bij exit 141 nemen we de afslag. De auto mogen we hier gratis parkeren en ook de entree is gratis. Donaties zijn natuurlijk altijd wel welkom.

Het museum vertelt de wereld alles over de geschiedenis van prikkeldraad, de bijbehorende voorwerpen, het belang van de uitvinding en de invloed op de ontwikkeling van het Oude Westen. De tentoonstellingsstukken omvatten een fotografische geschiedenis van de Dust Bowl, wurgdraad gebruikt in de oorlog, verschillende stijlen van prikkeldraad en afrasteringsgereedschap. Het museum omvat de evolutie van de cowboy, brandmerken en de geschiedenis van de veefokkerij evenals een tentoonstelling van het Oude Route 66 met foto’s, klassieke benzinepompen, oude wegwijzers en een 50’s diner opstelling.

      

Het is een vrij interessant museum. Zéker als je geïnteresseerd bent in de geschiedenis van de prikkeldraad. Wij vinden vooral het (kleine) stukje over de route 66 erg leuk. Tien minuten later staan we alweer buiten en vervolgen we onze weg.

Twintig minuten later nemen we afslag 161 en rijden we het plaatsje Shamrock in. Hier staat ‘U Drop Inn Café’ op de planning om te bekijken. Met zijn Art Deco details en twee torens, werd het gebouw ontworpen en gebouwd als drie afzonderlijke structuren. De eerste was de Toren Conoco Station, genoemd naar de dominante vierhoekige obelisk die uit het platte dak oprijst en bekroond wordt door een metalen tulp. Het tweede was het U-Drop Inn Café, dat zijn naam kreeg van de winnende inzending van een plaatselijke scholier in een naamgevingswedstrijd. Het derde gebouw had een winkel moeten worden, mar werd in plaats daarvan een overloop voor het café. Het Tower Station was het eerste commerciële bedrijf aan de pas aangewezen Route 66 in Shamrock.

 

   

Tegenwoordig is het gebouw eigendom van de stad Shamrock, die het volledig heeft gerestaureerd. Bezoekers zijn van harte welkom in het station, dat nu dienst doet als bezoekerscentrum, kantoor van KvK en gemeenschapscentrum. Wij bezoeken echter het gebouw niet en maken alleen foto’s van de buitenkant.

In ons roadbook staan nog twee stops bij een Route 66 Musea, maar we willen eigenlijk gewoon doorrijden naar Oklahoma City. Het is nog circa 2-en-een-half uur rijden naar de stad. We wisselen daarom van chauffeur. Martijn neemt plaats achter het stuur en ik pak de laptop erbij. Ik heb tenslotte wat in te halen met tikken.

Niet veel later rijden we de staat Oklahoma in. De reis loopt voorspoedig, maar als we in de omgeving van Oklahoma City aankomen, begint het wat druk te worden. Martijn vraagt of ik het laatste half uurtje wil rijden en we stoppen even bij een Travel Center. We maken meteen gebruik van het toilet en gaan dan weer op weg, naar onze volgende stop in de stad: Tucker’s Onion Burger.

Een Amerikaanse collega van Martijn raadde ons dit fastfood restaurant aan, want dit waren de beste hamburgers! Ze serveren hamburgers, frietjes en shakes. De burgers staan bekend om de perfect gekarameliseerde en knapperige uien. Omdat we nu natuurlijk niet te veel willen eten, omdat het al half 4 is, besluiten we één hamburger te bestellen en deze te delen. Wel bestellen we beide een eigen shake.

 

  

De hamburger smaakt erg lekker. Eigenlijk is het een beetje hetzelfde idee als ‘Five guys’, ook hier maken ze de hamburgers helemaal hartstikke vers. Helemaal handgemaakt op de ouderwetse manier ook. De shakes nemen we mee in de auto en zijn dan op weg naar onze laatste stop: Oklahoma City National Memorial & Museum.

In 2012 zijn we hier ook geweest, maar toen was het erg regenachtig. Destijds zijn we ook het museum in geweest. Dat gaan we nu niet doen. Doordat het zo regenachtig was, hebben we de bijbehorende tuin met monumenten niet goed kunnen bezichtigen. Nu schijnt de zon volop (maar gelukkig niet zo héél heet), dus kunnen we de tuin eens goed gaan bekijken. Het is vrijwel om de hoek van Tucker’s en we parkeren de auto in een garage voor 5 dollar per uur. Als je naar het museum zelf gaat, kun je binnen je parkeerkaartje laten valideren zodat het parkeren gratis is. Maar dat gaan we nu dus niet doen. Het museum kost 15 dollar per persoon overigens. Ik weet nog heel goed dat het museum enorme indruk op me maakte.

Het museum gaat over de aanslag op het overheidsgebouw op 19 april 1995. Timothy McVeigh is het niet eens met bepaalde regeringsacties en vond daarom dat het overheidsgebouw maar opgeblazen moest worden. Hij reed met een vrachtwagen waar hij een bom van ANFO had gestopt de garage van het gebouw in. Daarna reed hij weg met een vluchtauto en zei de bom: Kaboem! 168 doden en 800 gewonden…

Op een gegeven moment krijg je een geluidsfragment te horen en vooral dat vond ik destijds erg indrukkend. Twee dames van het kantoor voor watervoorzieningen zijn op dat moment aan het werk in de kelder van het gebouw naast het overheidsgebouw. Ze zijn bezig om een aanvraag in te dienen en omdat het een officiële aanvraag betreft, nemen zij dit op een bandje op, waardoor je dan dus live kunt horen hoe zij reageren tijdens die aanslag. Het hele gebouw boven hun is weggeblazen, maar de kelder blijft intact. De twee vrouwen weten dus totaal niet wat er boven hun gebeurd. Ze horen dus wel veel lawaai, maar beseffen niet wat er gebeurd. Ik weet nog heel goed dat ik die geluidsopname erg aangrijpend vond.

De tuin zelf is een herdenkingsplaats wat onder andere bestaat uit een vijver, met aan weerszijden een grote poort. Op de ene poort staat 9:01 (voor de explosie), op de andere 9:03 (na de explosie), de vijver symboliseert 9:02, het tijdstip van de ontploffing. Aan de zuidkant van de plaats ligt een grasveld met daarop bronzen en stenen stoelen. Elke stoel symboliseert een persoon die is omgekomen bij de aanslag. Het materiaal van de stoel is afhankelijk van het materiaal van het oppervlak waarop de slachtoffers stonden ten tijde van de aanslag. De stoelen van de kinderen zijn kleiner dan die van de volwassenen. Aan de andere kant staat de “survivor tree” (de “overlevingsboom”), een boom die er al stond voor de aanslag, en het overleefde.

    

  

Na een wandeling door de tuin, wat overigens toch best wel warm is zo in de zon, lopen we weer terug naar de parkeergarage. We stellen de navigatie in op ons hotel hier in Oklahoma City. Ofja, in één van de vele stadjes van de omgeving: in Yukon. Onderweg is het wat druk, maar uiteindelijk rijden we om kwart over 5 het parkeerterrein bij het hotel Sleep Inn & Suites op. Als we inchecken krijgen we kamer 203. De kamer is niet zo groot als onze vorige, maar wel groot genoeg.

We halen de koffers uit de auto en als we deze geïnstalleerd hebben, zoeken we onze was bij elkaar. Het is nog te vroeg om te gaan eten, dus kunnen we mooi een wasje draaien en kan ik ondertussen verder met ons verslag aftikken. Het wasje duurt 30 minuten, maar de droger geeft aan dat hij er ruim een uur over zal doen. Oeh, daarop hadden we niet gerekend. Eerder ook een half uur.

Na een goed drie kwartier besluit Martijn toch maar eens te gaan kijken bij de droger. Even later komt hij met droge was terug. Mooi. Nadat we de was opgeruimd hebben, lopen we naar Cheddar’s. Jaja, naast dit hotel zit een vestiging, dus mogen we eindelijk van hun alcoholaanbod genieten. Als is het nog wel even lopen, een minuut of zes volgens googlemaps. We moeten via het parkeerterrein van de winkels naast het hotel lopen, want de weg er naar toe heeft geen stoep.

Eenmaal bij Cheddar’s mogen we meteen plaatsnemen. We bestellen als eerste een Blue Moon biertje.

 

Sinds ons laatste bezoek, eergisteren, hebben we in de mail een coupon ontvangen voor een gratis bak chips en dip. Wellicht wordt het wat veel, als we ook nog een hoofdgerecht nemen, maar gratis is gratis en de bon vervalt net na onze vakantie. Dus bewaren heeft geen nut.

Als hoofdgerecht bestellen we beide de steak & ribs. Alleen Martijn heeft er als bijgerecht een gepofte aardappel bij en ik de aardappelpuree. De chips eten we maar half op. Wellicht straks nog bij ons ‘toetje’ aka cocktail. De steak en de ribs smaken prima. De steak is precies zoals we willen: medium-rare. Maar eerlijk is eerlijk, de steak en de ribs smaken bij Texas Roadhouse toch net wat beter. Daar smelt de steak ook gewoon echt op de tong en zijn de ribs wat malser. Maar slecht smaakt het vlees hier absoluut niet. Ik zou het zo weer bestellen.

 

Als we halverwege ons gerecht zijn, bestellen we er een cocktail bij. Martijn gaat voor de Painkiller en ik neem de Presidente Sangria. Bij de Painkiller staat er bij dat je maar twee per gast mag bestellen. Zóveel alcohol zit erin 😊 Ze smaken heerlijk.

Het eten is behoorlijk veel en we eten dan ook in ieder geval het vlees op, maar veel van onze bijgerechten laten we staan. Ook de chips hoeven we niet meer. Wel bestellen we nóg een cocktail. Als toetje. Martijn gaat dit keer voor de Island Tiki en ik neem de Maui Margarita. Ook deze smaken weer heerlijk.

Het is alleen wel lastig drinken voor mij. De margarita wordt ‘frozen’ geserveerd, wat betekent dat het een soort slushpuppie is. Dat drinkt toch minder goed door dan gewoon een vloeibare cocktail. We vragen dan ook of ik hem mee mag nemen in een to-go cup, maar helaas. Alcohol mag niet meegegeven worden. Dat is eigenlijk ook wel logisch. Ach, dan blijven we gewoon wat langer zitten.

Iets na half 10 zijn we weer op de kamer. Omdat ik het verslag van gisteren al getikt heb, zoekt Martijn de foto’s erbij en kijk ik wat TV. Ik blijf hangen bij de film Phonebooth. Ik zit er meteen weer helemaal in. Wat een spannende film blijft dat toch en die stem van Kiefer Sutherland is natuurlijk jam-mie! Als Martijn de blog van gisteren geplaatst heeft, is de film afgelopen en zappen we hem naar de film ‘Fast & Furious’. Ook al zo’n geweldige film.

Ik tik het verhaal van vandaag af en dan wordt het ook weer geüpload 😊

Aantal gereden mijlen: 293 (472 km)
Weertype: rond de 29 graden. Héérlijk!

Geef een reactie