Dag 20: Adirondacksgebergte

Print Friendly, PDF & Email

Donderdag 16 juni: Montréal (Quebec, Canada) – Queensbury (NY)


Als de wekker om 08.45 uur afgaat, snoozen we nog een keer. Of zoals de smartphone het noemt: sluimeren. We mogen tot 10.00 uur ontbijten, dus rustig aan. Als we aangekleed en wel kwart voor 10 naar beneden lopen, zijn alle stoelen rondom de ontbijttafel bezet. We worden verzocht even te wachten, want ook de andere gasten hebben natuurlijk recht om rustig te ontbijten. Maar al snel zijn er twee mensen klaar en lopen terug naar hun kamer. Wij nemen plaats en beginnen weer met een heerlijk croissantje. Tegenover ons en naast ons zitten twee stelletjes. Ze praten goed Engels, ofwel: Amerikanen. Alhoewel, de man tegenover me, partner van de Amerikaanse vrouw naast hem, is een Italiaan. Ze praten redelijk wat met elkaar, maar ik ben wat stil. Ik ben niet zo van het kletsen met vreemden. Laat mij maar lekker mijn ontbijtje nuttigen.

Na een half uur zitten we weer proppievol. Wat een heerlijk ontbijt weer. We lopen terug naar de kamer en pakken onze spullen. Ook hebben we een vel papier en een marker gevraagd ter leen. Ik heb mijn Coaster Counter ge-update en sta nu op de 597 achtbanen. Morgen bezoeken we weer een pretpark, met zes achtbanen. De kans is dus érg groot dat ik morgen mijn 600e achtbaan ga doen. Woohoo. Er moet dus een papier met #600 mee morgen 🙂

Het is tijd om afscheid te nemen van Philip én van Sloeber, de hond. Echt zo’n schatje. Ze is nog maar 4 jaar, maar ontzettend rustig. Ze loopt af en toe wat rond, maar vooral liggen is haar favoriete bezigheid. En soms ook iets te veel in de weg, hahaha…

IMG_0062

We stellen de navigatie in op Keeseville. Een plaatsje in de staat New York, Amerika. Vanuit daar willen we de Adirondacksgebergte in. Anderhalf uur rijden, geeft hij aan. Vanuit de B&B rijden we Montréal uit via de grote brug waar we gisteren ook overheen zijn gereden naar La Ronde. Aan de linkerkant het pretpark en aan de rechterkant het Circuit. Toch grappig om te realiseren dat daar Max van de week nog gewoon gereden heeft. Tof hoor.

DSC_5919

Als we Montréal verlaten hebben, is het vooral saaie stukken snelweg. Iets over twaalf komen we aan bij de grens tussen Canada en Amerika. We gaan de US of A weer in. We zijn vrij snel aan de beurt en ook hier de standaard vragen als: wat kom je precies doen, waar ga je heen, wanneer vertrek je weer en vanuit waar. De douanebeambte bekijkt onze paspoorten en dan mogen we doorrijden.

DSC_5929

DSC_5937

Wederom volgt een saai stuk snelweg. Rond 13.00 uur zijn we bij Keeseville en rijden we de highway 9N op, de Olympic Scenic Byway. Van het rijden door de bergen merken we nog maar weinig. In de verte zien we wel wat bergen, maar vooral de rivier die naast de weg loopt is erg mooi om te zien.

DSC_5952

Onze eerste stop is bij High Falls Gorge. Een waterval. Maar je mag daar niet zo maar heen, je moet eerst via de souvenirsshop. En dan blijkt dat je ook nog moet betalen om over het brugje naar de waterval te gaan.

DSC_5959

Nu vinden we dat niet zo erg. Een dollar of 4 á 5. Maar om deze waterval te zien, moet je maar liefst 11,75 dollar per persoon betalen. Dat vinden we eigenlijk toch wel wat veel, voor een watervalletje. Al kun je nog meer in de omgeving rondwandelen. De route zou een drie kwartier tot een uur zijn. Maar ook dat vind ik eigenlijk te veel. We besluiten maar weer in de auto te stappen en gewoon naar de volgende stop te rijden.

DSC_5972

Inmiddels hebben we ook honger gekregen en op ons kaartje lijkt Lake Placid wel een leuk plaatsje voor de lunch.

DSC_5982

Als we Lake Placid inrijden, rijden we in eerste instantie te ver door. Het blijkt een klein straatje met winkeltjes en restaurantjes te zijn. We draaien dus weer om en ongeveer halverwege de straat parkeren we de auto. We betalen 3 dollar aan parkeergeld (daarmee mogen we anderhalf uur geparkeerd blijven staan) en lopen dan wat door de straat. Tja, waar hebben we zin in? Uiteindelijk komen we uit bij Great Adirondack Brewing Company. Klinkt goed he? Een Brewery 🙂

IMG_20160616_151332912_HDR

Uiteraard bestellen we een lokaal biertje. Een lichte, want we moeten natuurlijk ook nog gewoon rijden: Cumberland Head. Verder bestelt Martijn de Ed’s Favorite: een primerib op een broodje met uien, champignons en kaas. Ik bestel de Mirror Lake: rosbief op een boterham, met gekarameliseerde uien, blauwe kaas kruimels en mierikswortel mayonaise.

Na een tien minuten krijgen we het eten voor onze neus en onze mond valt eigenlijk letterlijk open van verbazing en de ogen staan wagenwijd open. Is dat voor de lunch? Godallemachtig, ze zijn niet bepaald zuinig hier. Op mijn boterham zit gewoon zes pakken rosbief. Nee, geen plakken, maar echt pakken! Maar het smaakt echt super lekker.

IMG_5579

IMG_5580

We rijden weer verder en bij Tupper Lake slaan we linksaf, de highway 30 op. Hierdoor verlaten we Olympic Scenic Byway, maar komen uit op de Adirondack Trail Scenic Byway. Iets na Tupper Lake stoppen we bij Three Lakes United, waar Tupper Lake, Simon Pond en Raquette Pond bij elkaar komen.

DSC_6005

Het is erg mooi rijden, maar echt het berggevoel heb je niet. Het is meer alsof je door een bos met heuvels rijdt. Maar na een uur of twee heb je het eigenlijk wel gehad met dit gebied. Maar om naar ons volgende hotel te rijden, zullen we er toch door heen moeten. Niet dat het vervelend is, want het is absoluut mooier als een snelweg, maar het spannende is er vanaf.

Overigens hebben we nog geen hotelreservering voor vanavond. Maar in het bonnenboekje zagen we één hotel in Queensbury en twee in Glens Falls welke naar onze zin is. We stellen de navigatie in op Sleep Inn. Het hotel in Queensbury. Net geen twee uur rijden. We wisselen van chauffeur, want Martijn heeft er toch al wat uurtjes op zitten.

Als ik nog maar net achter het stuur zit, zien we een fazant langs de weg zitten. We stoppen even en de ‘kip’ loopt rustig de bossen in. Toch grappig om zo’n beest hier te zien. Rare beesten. Niet veel later zien we er gewoon weer één, maar die is sneller de bossen in.

DSC_6022

Iets na Blue Mountain Lake rijden we de Blue Ridge Road Scenic Byway op en om 19.00 uur zijn we bij Sleep Inn in Queensbury. We vragen aan de jongen achter de balie of hij nog een kamer vrij heeft. Zeker en deze kost 124 dollar per nacht. En met triple A, vraagt Martijn dan. Dan kost de kamer 115 dollar. En ons bonnetje van 72 dollar, is deze ook geldig? Zeker 🙂 Het betreft wel een oud bonnetje, want de kortingsrate is nu 85 dollar, maar die van 72 dollar accepteren ze ook nog steeds. Prima joh.

DSC_6027

De kamer ziet er prima uit. Veel ruimte, én het logo van Sleep Inn is paars. Tja, dan kán het alleen maar goed zijn he. Schuin tegenover het hotel zit Outback Steakhouse. Oehhh! Maar we hebben eigenlijk geen zin in een hoofdgerecht. We zitten nog gewoon te vol van onze lunch. Maar een voorgerecht moet er wel in gaan. We lopen dus naar de Outback (lopen ja!) en kunnen dus ook wat cocktails erbij bestellen. Voor Martijn de Black Barrel Summer Tea en voor mij de Aussie Fresh Fruit Cooler.

IMG_0077

En als voorgerechten bestellen we de Crab & Avocado Stack en de Foster’s Beer Cheese Fondue. Het smaakt heerlijk, maar het blijkt toch nog wel wat veel te zijn.

IMG_0079

IMG_0080

We hadden eigenlijk verwacht dat we, nu we geen hoofdgerecht zouden nemen, er wellicht toch wel een toetje bij kon. Maar helaas. Ofwel, nog maar een cocktail dan? Vloeibare toetjes passen er altijd wel in. Martijn bestelt de Pineapple Ginger Collision en ik de Corona Rita. Die ziet er grappig uit zeg. Het is eigenlijk een margarita met een flesje Corona. Smaakt goed met elkaar.

IMG_0097

Na het eten lopen we nog naar de Walmart er naast. Ik heb sinds vanochtend enorme last van muggenbulten. Nu heb ik zo’n anti-jeukstick bij me en die werkt prima voor de jeuk. Maar ik heb blijkbaar ook een soort van allergie opgelopen met die muggensteken. Zes enorme bulten op mijn handen. Drie op de linkerhand en drie op de rechter. Ze jeuken niet alleen, maar ze doen ook nog eens pijn. Argh!

Vervolgens lopen we weer terug naar de kamer. Relaxen wat en het verslag wordt getikt 🙂

Aantal gereden miles: 238 (383 km)
Weertype: heerlijk zonnig

Geef een reactie